Ik heb ‘The Plains’…
Augustus: Oklahoma. Er hangt een dikke lucht in het oude landhuis. De onontkoombare hitte vreet aan je vermogen helder te denken. De ramen zijn afgeplakt met donkere folie. Of dat is om iets of iemand buiten te sluiten, of juist om een monster binnen te houden, blijft nog lang onduidelijk. Een man van pensioengerechtigde leeftijd houdt, whisky drinkend aan een bureau, een monoloog over literaire dagen uit vervlogen tijden. Cultuurpessimist T.S. Eliot wordt daarbij veelvuldig aangehaald.
Between the desire
And the spasm
Between the potency
And the existence
Between the essence
And the descent
Falls the Shadow
For Thine is the Kingdom
For Thine is
Life is
For Thine is the
This is the way the world ends
This is the way the world ends
This is the way the world ends
Not with a bang but a whimper.
Een toepasselijk citaat uit The Hollow Men. Hoe toepasselijk zal op het eind van de avond, bijna vijf uur later, pas blijken.
Een deel van het publiek vindt het eerste deel te lang, te traag en te onverstaanbaar. Een aantal mensen verlaat tijdens de eerste pauze zelfs de zaal. Het verhaal is ook heel goed te volgen zonder de bijdrage van Dries Smits als Beverly Weston, toch zou het een gemis zijn als dit eerste gedeelte - uit bezuinigingsoverwegingen lijkt tegenwoordig alles toegestaan - overgeslagen was. Het onsamenhangende gemompel van Beverly Weston is moeilijk te volgen, maar de letterlijke tekst is ook niet zo belangrijk. Hij neemt je mee naar de vlaktes van Oklahoma, waar de wind traag langs de cactussen glijdt. Een desolate leegte waarin een mens langzaam gek wordt. Waanbeelden als enige gesprekspartner. Je krijgt er reeds na korte tijd last van The Plains, dat vele malen erger is dan The Blues.
Nadat Beverly het toneel heeft verlaten, stapt zijn vrouw Violet uit bed. Hevig onder de invloed van valium en andere uppers en downers, strompelt ze wat door het huis. Sommige mensen moeten lachen als ze (doet alsof ze) bijna valt. Ik ben wat dat betreft gehard door het leven op het station van Einhoven. Het is ook een soort slapstick-lachen, want de oorzaak is een treurige verslaving.
Zo kabbelt Oklahoma nog wat door. Op het moment dat ik zelf gevoelens van The Plains begin te krijgen, stormt Loes Luca het podium op. Violets zuster, Mattie Fae Aiken, heeft direct de lachers op haar hand. Dat kan ook niet anders. Luca weet van een lekkende kerncentrale nog een stralend feest te maken. Haar zoon, Kleine Charles, delft daarbij vaak het onderspit. Gelukkig wordt de 37-jarige puber, gespeeld door Martijn Fischer, onvoorwaardelijk gesteund door zijn vader, Charlie Aiken. Een rol van bemiddelende, ietwat sullige vader, die Peter Bolhuis met verve speelt. Zo geloofwaardig dat de zaal schrikt als hij eindelijk eens de waarheid, zijn mening, met kracht over het podium buldert. Maar ja, met Loes Luca als vrouw…
De stemming zit er nu goed in. Bezoekers die de opening traag en saai vonden, zijn blij dat ze toch zijn blijven zitten. Soms zelfs op een betere plaats. Opgestaan is plaats vergaan. Ook Violet mengt zich in de feestvreugde. Voor de verandering heeft ze de valium achterwege gelaten en zich beperkt tot een cocktail uppers. De waslijst medicijnen die in het stuk voorbij raast, zal ik hier achterwege laten, dat wil zeggen, ik kan me niet één item herinneren. Als Ma Flodder walst Ma Weston over het toneel, mens en serviesgoed dat het waagt haar een strobreed in de weg te leggen, vernietigend. Op alles heeft ze een weerwoord en tijdens het diner weet ze alle familieleden tegen elkaar op te zetten en het leven van haar dochters te ruïneren. Met evenveel humor als venijn ratelt ze zo onvermoeibaar door, dat Loes Luca er de laatste drie uur van het toneelstuk als een muurbloempje bij hangt. Dat op zichzelf is al een hele kunst, door er ook nog perfect bij te acteren levert Ria Eimers een bijna bovenmenselijke prestatie. Huur maar een aanhanger voor de toneelprijzen die gaan komen.
Pas na heel veel lachen, worden we aan de poëzie van T.S. Eliot herinnerd. Het ‘diner van de waarheid’ doet sterk denken aan het avondmaal in de Deense film Festen van Dogma-regisseur Thomas Vinterberg. Het is alleen wat Amerikaanser. Er zijn wel buitenechtelijke kinderen in het spel, maar die zijn allemaal vrijwillig verwekt. Een incestueuze verhouding zit pijnlijk maar subtiel in het toneelstuk verweven. Het publiek hoeft niet met plaatsvervangende schaamte het hoofd af te wenden omdat een zoon zijn familie aan een volle dinertafel confronteert met het kindermisbruik door zijn vader, zoals bij Festen het geval is.
Het resultaat is hetzelfde. De familie wordt uiteen gereten en de drie zusters gaan ieder hun eigen weg. Ook de relatie met man of vriend is door moeders onthullingen moeilijk, onmogelijk of zelfs strafbaar geworden. Alleen Barbara Fordham, gespeeld door Marie-Louise Stheins, blijft als oudste dochter bij haar moeder achter. Wachtend op het einde, dat als een schaduw over het op instorten staande huis zal schuiven, om hen uit te wissen. Barbara heeft dit noodlot zelf over zich afgeroepen. Zij is het geweest die de verduistering van de ramen heeft getrokken, het licht heeft binnengelaten. Heel even probeert ze nog haar zus Ivy, briljant gespeeld door Tsjitske Reidinga, als enige ongeschondene uit de klauwen van haar moeder te redden, maar het veel te felle licht van de waarheid kan niet meer gestopt worden.
Het einde van het toneelstuk verloopt wat schokkerig. Steeds als een ’slachtoffer’ van alle hoop en geluk beroofd is, dooft het toneellicht. Dat leidt elke keer tot het gevoel dat het stuk afgelopen is. Het doorbreekt de oneindigheid van de vlakte. Jammer, het bekoelt enigszins mijn stemming. Anders was ik na deze tijdvoorbijvliegende, absolute top-avond door De Utrechtse Spelen, beslist met The Plains naar huis gegaan.

